Stadsschouwburg Groningen is drie weken lang het podium voor wijkverhalen

Levend erfgoed ontstaat niet alleen in musea, maar vooral daar waar mensen elkaar treffen: op straat, op het plein en in de buurt. Intermediaire organisaties zorgen ervoor dat lokale verhalen een plek krijgen in cultuur en beleid, waardoor ze niet verloren gaan. Zo wordt erfgoed zichtbaar, toegankelijk en dichtbij gebracht.  

In juni tovert De Wijk De Wereld de Stadsschouwburg Groningen om tot een groot, lokaal buurthuis. In elke ruimte is er een gesprek, dansvoorstelling, muziek of een lied, met verhalen uit de wijk als basis. 

 

“Elke wijk zit vol verhalen die ertoe doen”, zegt artistiek leider Karin Noeken. “Samen met de bewoners vertalen we de verhalen naar voorstellingen.” Daarbij werken ze samen met professionele theatermakers, muzikanten, choreografen en kunstenaars. Tijdens het maakproces zijn deelnemers en professionals gelijk. De artistieke lat ligt hoog, aldus choreograaf Shara Maaskant. “Elke scène wordt met dezelfde zorg gemaakt als een professionele voorstelling. Licht, geluid en zelfs de entree via de artiesteningang maken deel uit van die ervaring. Daardoor voelen mensen zich serieus genomen en zie je ze stralen. Ze voelen zich gezien en gehoord en bouwen zelfvertrouwen op.”

Eerder werden er voorstellingen gemaakt met bewoners uit Oosterparkwijk en Tuikwerd. Dit jaar ging het over de wijk Selwerd: een vooroorlogse, Groningse wijk die ingrijpend wordt vernieuwd. Huizen verdwijnen waardoor mensen moeten verhuizen, straten liggen open en bomen worden gekapt. Waar de gemeente spreekt over vooruitgang, ervaren veel bewoners vooral verlies. Karin: “Wijkbewoners hebben vragen en ervaren veel stress en onzekerheid. Vragen als ‘woon ik straks nog wel naast mijn vertrouwde buurvrouw, gaat mijn huisje tegen de vlakte, kan ik nog wel terug?’ komen vaak terug. Het zijn verhalen die je niet in de beleidsrapporten leest en die wij een podium geven. Niet als debat of inspraakavond, maar als kunst.”

Om bewoners te ontmoeten en verhalen op te halen, gaat Shara diep de wijk in. Ze bezoekt koffieochtenden, taalhuizen, bingo- en sjoelmiddagen en gaat langs bij verschillende welzijnsorganisaties. “Ik wil weten wat er speelt. In de gesprekken die we met bewoners voeren keren dezelfde vragen terug: voel je je nog wel thuis in je eigen buurt? En wat gebeurt er als alles om je heen verandert? Daarna vormen we groepen met mensen die willen meedoen.”

Groepen van zo’n acht bewoners worden gekoppeld aan een maker die elkaar ontmoeten tijdens verschillende bijeenkomsten. “De eerste paar keren draaien vooral om kennismaken. We onderzoeken wat mensen willen delen en waar iemands talent ligt. Tijdens het maakproces worden die talenten vanzelf zichtbaar.”

Het is niet altijd makkelijk om deelnemers te vinden, zegt Karin. “Ondanks dat er veel initiatieven zijn in de wijk, is er een grote groep die achter de voordeur blijft. Door sociale angst, omdat ze de taal niet goed spreken of bang zijn voor het onbekende.” Ook het imago van buurthuizen, de plek waar mensen samenkomen, speelt mee. “Mensen denken vaak: als je daar naartoe gaat, dan heb je een probleem. Dat stigma willen wij doorbreken.”

Omdat de bewoners hun eigen verhaal vertellen is de impact heel direct, aldus Karin. “Daarom nodigen we ook beleidsmakers uit om in de schouwburg te komen kijken en luisteren. Ze zijn vaak verbaasd en ontroerd. Sommige ambtenaren zien opeens de noodkreet achter de plannen die zij zelf uitvoeren.” De Wijk De Wereld wordt gefinancierd door onder meer Regio Deal Groningen, het VSBfonds, het Fonds voor Cultuurparticipatie en publieksinkomsten. Volgens Karin zien gemeenten en welzijnsorganisaties de impact van het project, maar mag de samenwerking intensiever. “Het zou mooi zijn als we elkaar eerder weten te vinden en samen kunnen optrekken.”

Na het project gaan de deelnemers vaak door; ze schrijven zich in voor danslessen, gaan toneelspelen of maken muziek. Organisaties als cultuurcentrum VRIJDAG/Tumult en cultuurcoaches nemen hier de rol van Shara en Karin over. Wat na de voorstellingen overblijft is lastig in cijfers uit te drukken, aldus Shara. “Tijdens het hele proces leren bewoners elkaar kennen. Er ontstaan wederzijds begrip. Een vrouw die altijd de Syrische winkel vermeed, stapt er nu naar binnen. Iemand met sociale angst past opeens op de kinderen van de buren. Bewoners organiseren samen meer activiteiten, of koken voor of met elkaar. Die sociale cohesie is waar we het voor doen.”

Proeftuinen

Met de proeftuinen van het Netwerk Levend Erfgoed werken we actief aan de zichtbaarheid, impact en betekenis van levend erfgoed.

Ontwikkeling

De ontwikkeling van het Netwerk Levend Erfgoed (NLE) is een belangrijke stap in het versterken van het brede erfgoedveld.

CONTACT

Tijdens de kwartiermakersfase (2024-2026) zijn Linn Borghuis en Nicole van Dijk de gezichten van het Netwerk Levend Erfgoed.