Kasteel Heeswijk laat geschiedenis leven: “Je kunt het hier zien, ruiken én voelen.”

Levend erfgoed ontstaat niet alleen in musea, maar vooral daar waar mensen elkaar treffen: op straat, op het plein en in de buurt. Intermediaire organisaties zorgen ervoor dat lokale verhalen een plek krijgen in cultuur en beleid, waardoor ze niet verloren gaan. Zo wordt erfgoed zichtbaar, toegankelijk en dichtbij gebracht.

Per jaar ontvangt Kasteel Heeswijk op het terrein zo’n dertig groepen die de geschiedenis levend houden. Dat versterkt de band met de regio, trekt publiek en zorgt voor reuring in het kasteel.

“Vanaf 2015 is ons signatuur: de geschiedenis levend houden,” zegt Luc Eekhout, directeur van Kasteel Heeswijk. “We zijn een plek waar geschiedenis écht wordt beleefd, met alle zintuigen.” 

Met audiotours, exposities, educatieve programma’s en rondleidingen wordt de geschiedenis in het kasteel toegankelijk gemaakt. Maar de beleving gaat verder. “We hebben een heel netwerk van levende geschiedenisgroepen”, vertelt hij. “Zij zorgen ervoor dat mensen hier echt ervaren hoe het vroeger was. De groepen kamperen hier zoals vroeger, koken op een authentieke manier en dragen kleding uit hun tijd. Wapens, gereedschappen, originele uitrustingen: alles wordt zo realistisch mogelijk doorgevoerd.”

Van Middeleeuwers tot re-enactors van de Tweede Wereldoorlog en Napoleontische soldaten: alles komt in het kasteel voorbij. Sommige groepen blijven dagenlang op het terrein kamperen. Inclusief tenten, strozakken en kampvuren. Luc: “Ze gaan heel ver in die beleving. Niets wordt aan het toeval overgelaten. Als zij hier een weekend zijn, kun je de geschiedenis echt voelen, ruiken en proeven.”

 

Een kasteel dat leeft

Zo’n dertig weekenden per jaar verandert Kasteel Heeswijk in een levend historisch decor. Bezoekers lopen tussen kampementen, spreken met deelnemers en zien hoe het dagelijks leven vroeger was. Soms worden complete historische scènes nagespeeld. “Dan wordt een deel van het kasteel tijdelijk afgesloten,” vertelt Luc. “Bijvoorbeeld omdat een veldslag wordt uitgebeeld, met veel rook en knallen. Dat is echt indrukwekkend.”

 

Groei in bezoekersaantallen

Deze aanpak heeft het kasteel geen windeieren gelegd. In 2015 kwamen er nog ongeveer 20.000 bezoekers per jaar, inmiddels zijn dat er zo’n 65.000. “We hebben hard geïnvesteerd in het netwerk van groepen voor levende geschiedenis en in de kwaliteit van de ervaring”, aldus Luc. “We zorgen voor een goede backstage, parkeergelegenheid en wc’s en faciliteren hun presentaties. Hierdoor komen de groepen graag terug, net als het publiek. Dat zien we terug in de cijfers.”

 

Samen sterk in de regio

Het kasteel ziet zichzelf in de regio niet als een losstaand eiland. Integendeel, zegt Luc: “We zijn onderdeel van een netwerk van erfgoed en beleving in de regio. Belangrijke partners hierin zijn Meierijsche Museumboerderij, Abdij van Berne en Kilsdonkse Molen. Samen maken we de regio aantrekkelijk voor toerisme en recreatie. Ook voor het dorp zelf heeft het kasteel grote betekenis. Het is een plek van identiteit, verbinding en trots.”

 

Spanning rond vergunningen

Toch is er ook een zorgelijke kant. Nieuwe regelgeving maakt vooral de buitenevenementen steeds ingewikkelder, aldus Luc. “Voor een veldslag buiten het kasteel heb je tegenwoordig een evenementenvergunning én een omgevingsvergunning nodig. Die laatste valt onder de nieuwe Omgevingswet en vereist uitgebreid onderzoek naar onder meer geluid, stikstof en ecologische impact. Dat moet worden uitgevoerd door adviesbureaus, waardoor de kosten flink oplopen.”

Een vergunningstraject kan oplopen tot zo’n 25.000 euro, aldus Luc. “Sinds dit jaar wordt er strenger gehandhaafd. Daardoor sneuvelen veel evenementen.” Tegelijkertijd begrijpt hij de positie van de gemeente. “Zij moeten de wet naleven. Maar zolang de wet niet verandert, zitten we vast in dit systeem. Binnen het kasteel kunnen we gelukkig doen wat we willen. Dat geeft lucht.”

Maatschappelijke relevantie

Het kasteel wordt voor een klein deel gefinancierd door gemeente en provincie, aangevuld met inkomsten uit tickets, donaties en horeca. Om het kasteel rendabel te houden, is ongeveer een miljoen euro per jaar nodig. En dat lukt.

Maar geld is niet genoeg. Het kasteel wordt mede draaiende gehouden door een groep trouwe vrijwilligers. “Er heerst een sterk gevoel van solidariteit en samenhang”, zegt Luc. “Mensen zijn hier van betekenis. Ze ontmoeten elkaar en blijven actief. Dat houdt ze mentaal en fysiek gezond. Zo dragen wij bij aan een gezonde samenleving.”

Proeftuinen

Met de proeftuinen van het Netwerk Levend Erfgoed werken we actief aan de zichtbaarheid, impact en betekenis van levend erfgoed.

Ontwikkeling

De ontwikkeling van het Netwerk Levend Erfgoed (NLE) is een belangrijke stap in het versterken van het brede erfgoedveld.

CONTACT

Tijdens de kwartiermakersfase (2024-2026) zijn Linn Borghuis en Nicole van Dijk de gezichten van het Netwerk Levend Erfgoed.